23. mei, 2017

Geloven

“U geschiedde naar uw geloof!”. Toen een dame aan Meester Jezus vroeg om haar zieke kindje te genezen, bekeek Hij de vrouw even en zag dat zij ‘geloofde’ in de mogelijkheid dat haar kind zou kunnen genezen. Waarop Hij zei: “Mevrouw, uw geloof is zéér sterk, ga naar huis en u zult uw kind genezen vinden!”

Demonstratie van diepgelovigheid

In deze handelingen kan men zéér duidelijk een demonstratie van diepgelovigheid zien. De vrouw was ten einde raad, zij dacht dat zij haar kind zou moeten afgeven maar had gehoord dat er een Man was die mensen kon genezen. Waarop zij alles op alles zette om bij die Man te komen. Bij die Man komen was niet voldoende want van haar kant moest er een sterk geloof zijn.Niet’ het sterke geloof in die Man. Hij zei immers zelf: “Niet ik doe de werken maar de Vader in mij. Zonder de Vader ben ik niets.”

De vrouw moest dus ‘sterk geloven’ dat er een ‘Hogere Energie’ was die ook door haar én door het kind werkzaam was. Dit sterke geloof was wat Meester Jezus zag waardoor Hij wist dat Hij gemakkelijk kon zeggen dat het kind genezen was.

Geloven? In wat? In wie?

Als men tegenwoordig over gelovig zijn spreekt wordt men al gauw als een weirdo bestempeld. Gelovig zijn is iets voor mensen die ‘goedgelovig’ zijn. Zelf zijn wij niet zo goedgelovig. Wij zijn bijzonder kritisch over wat wij toelaten in ons leven én denken. De verhalen over Meester Jezus vinden we bijzonder mooi maar wij hebben ons in het verleden dikwijls afgevraagd of de ‘wonderen’ die Hij verrichtte wel echt gebeurt zijn. Zijn het geen metaforen om iets duidelijk te maken?

Waarom zouden deze wonderen niet waar zijn? Waarom zou men niet ‘geloven’ dat een mens ‘werkelijk’ in staat is wonderen te verrichten? Het gaat in deze verhalen over Meester Jezus, niet enkel over deze ene man maar over de mogelijkheden die een ‘Waarlijk God-Mens’ te beurt valt.

Meester Jezus zei ook: “Deze werken zult gij doen en nog vele grotere!”. Waarom zou men niet kunnen geloven in de ‘eigen mogelijkheden’? Meester Jezus hield zelf steeds voor ogen dat Hij geschapen was naar het evenbeeld van God (de Allerhoogste Liefde-energie). Waarom zouden wij dit ook niet voor ogen kunnen houden? Als één mens het gedaan heeft, zou dan niet iedereen dit kunnen waarmaken?

U geschiedde naar uw geloof!

Komen wij terug bij deze belofte uit. En inderdaad men krijgt wat men gelooft. Meester Jezus zei, volgens deze verhalen, het volgende: “Wie ‘in mij’ gelooft zal het Koninkrijk Gods betreden!”. Zou Hij niet kunnen gezegd hebben: “Wie ‘mij’ gelooft zal het Koninkrijk Gods betreden!”. Een klein woordje verschil maakt een totaal andere situatie. Men kan ‘in’ iemand geloven maar men kan ook iemand ‘op zijn/haar’ woord geloven.

Zo mag men geloven dat Meester Jezus gestorven is om alle zonden van de wereld weg te nemen, wat meteen een vrijgeleide is om de meest slechte dingen te doen. Meester Jezus heeft er Zijn leven voor gegeven: lekker gemakkelijk dus, kan ik nu ‘zondigen’ zoveel ik wil.

Zou het niet kunnen zijn, dat Hij aan ‘alle mensen’ liet zien, tot wat een ‘mens’ in staat is als hij/zij leeft in de ‘Allerhoogste Energie’. Zou het niet kunnen zijn dat Hij dit wou demonstreren in Zijn Verrijzenis?

Als men gelooft wat Meester Jezus de gemeenschap vertelde over de Vader, over Liefde, over geloven, over de ‘eigen’ mogelijkheden om het ‘eigen’ leven op orde te brengen, krijgt men een totaal ‘ander geloof’.

Innerlijke stem

Wij hebben ook ons deel gehad in het leven. Het leven was niet altijd even leuk maar nu, pas achteraf hebben wij vastgesteld dat wij steeds naar onze ‘innerlijke stem’ luisterden en deze ook geloofde. Deze stem zei altijd: “Het is misschien niet prettig nu maar wacht maar af. Doe niets geks, zorg dat je in leven blijft. Er komen nog veel mooie dingen naar je toe!”.

Het was niet gemakkelijk om dit te blijven geloven maar we zijn er door geraakt. Het vooruitzicht was veel te mooi om het als fantasie af te doen. Dit vooruitzicht en het 'diepe geloof' in de belofte van onze innerlijke stem in samenwerking met de 'Allerhoogste Energie' deed ons volhouden. Wij bleven er in geloven!

Op ons 47ste hebben wij pas verkregen waar wij zo diep naar verlangden. En mijn God, wat een leven! Het wordt nog beter en beter. Iets wat wij bijna niet mogelijk achtten maar onze innerlijke stem blijft zeggen: “Wacht maar, er zullen nog mooiere dingen naar jullie toekomen!”. Wij prijzen ons nu al zo gelukkig, wat moet dat binnenkort zijn?

Wij blijven er vast en zeker in geloven!

Liefdevolle groet,

Eddy en Rita